br&dh in de media: fraudezaak Barea-gemeenten | Nederlands Dagblad

Nederlands DagbladNederlands DagbladNederlands DagbladNederlands DagbladNederlands DagbladNederlands DagbladNederlands DagbladNederlands DagbladNederlands DagbladNederlands Dagblad

Zwaardere straf voor Rob Allart

ARNHEM – Het gerechtshof in Arnhem heeft in hoger beroep hogere straffen opgelegd in de fraudezaak rond de voormalig voorganger van de Berea-gemeenten Rob Allart en zijn zoon Robert Jan Allart.

Dat meldt een woordvoerder van het Gerechtshof in Arnhem. Het hof deed vandaag uitspraak in de fraudezaak.

Eind 2010 veroordeelde de rechtbank in Zutphen de voormalig leider van de evangelische Berea-gemeente en diens zoon tot zes maanden voorwaardelijke celstraf en een werkstraf van respectievelijk 192 en 120 uur.

Het Gerechtshof veroordeelt beiden in hoger beroep nu tot een voorwaardelijke celstraf van in totaal twaalf maanden en daarnaast een werkstraf van 240 uur. Verder moeten zij gedupeerden een schadevergoeding betalen. Volgens hun advocaat, mr. Pé Bouwman, gaat het daarbij om een bedrag van in totaal 103.000 euro.

rendement

Met hun beleggingsfonds Kingdom Financial Services (KFS) haalden vader en zoon Allart in 2003 en 2004 ruim vijf miljoen euro op bij leden van de evangelische Berea-gemeenten. Het geld zou worden doorgesluisd naar de stichting Hope of Africa (HOAF) in Zuid-Afrika, die het zou investeren in overbruggingskredieten voor Afrikanen die wilden verhuizen. HOAF beloofde de investeerders daarbij een rendement van 24 procent per jaar. Het werkelijke rendement zou nog veel hoger liggen, waardoor HOAF onder meer evangelisatieprojecten kon steunen.

Volgens het Gerechtshof werden leden van de Berea-gemeenten risicoloze investeringen voorgespiegeld, terwijl het geld van de investeerders in werkelijkheid ook in risicovolle overheidsprojecten werd geïnvesteerd en is gebruikt voor privéaankopen.

Daarnaast hebben vader en zoon Allart geld geworven zonder dat ze in het bezit waren van de daarvoor benodigde vergunning, aldus het hof in zijn uitspraak. ‘Tegen één van de verdachten is bovendien valsheid in geschrifte aan de orde.’ Dat het hof langere voorwaardelijke gevangenisstraffen en taakstraffen heeft opgelegd, heeft volgens het hof te maken met de ‘ernst en de omvang van de gepleegde feiten’.

jaren wachten

Advocaat mr. Pé Bouwman noemt de straf ‘mosterd na de maaltijd’. Dat de veroordeling zo veel jaren op zich heeft laten wachten, vindt hij een ‘idiote gang van zaken’.

Rob en Robert Jan Allart kunnen binnen twee weken tegen de uitspraak in cassatie gaan bij de Hoge Raad. Bouwman wil daarvoor eerst de uitspraak van het hof bestuderen. De kans dat het tot een cassatie zal komen, is volgens de advocaat ‘groot’.

  • 21-05-2013
2016-01-28T11:40:43+00:0021 mei 2013|